NVKC voor leden

Verkrijg hier toegang tot exclusieve NVKC ledencontent.

Veelgestelde vragen zorgverleners ARM

Aandachtspunten

Wat is de rol van de (kinder)arts in een perifeer ziekenhuis?
Als het kind na de initiële behandeling is ontslagen uit het ziekenhuis, wordt het ook verwezen naar een kinderarts in de buurt voor poliklinische follow-up, met speciale aandacht voor groei en ontwikkeling. De arts in de periferie is dan het eerste aanspreekpunt voor ouders en kan laagdrempelig overleggen met het expertisecentrum. Het doel is goede samenwerking om de zorg zo goed mogelijk te realiseren.

Wat zijn mijn taken als huisarts bij deze patiënt?
Als huisarts kunt u de (ouders van) patiënt goed begeleiden ten aanzien van de psychische klachten die bij ARM kunnen voorkomen. Ook kunt u met de behandelend arts van het expertisecentrum afspreken wat uw rol is bij de problemen op het gebied van obstipatie, incontinentie en seksualiteit. Soms zal een patiënt ook vragen over zijn behandeling hebben, u kunt daarbij ondersteunen.

Indien er alarmsymptomen aanwezig zijn, moet u per direct verwijzen naar het expertisecentrum. 

Diagnostiek

Bij verdenking op ARM, welke diagnostiek moet worden ingezet voordat ik de patiënt naar het EC verwijs?
U kunt een patiënt met verdenking ARM direct naar een expertisecentrum verwijzen wanneer er prenataal met echo of postnataal een ARM wordt vermoed.

Expertisenetwerk

Naar welk Expertisecentrum ARM kan ik verwijzen?
U kunt verwijzen naar het Expertisecentrum het dichtst in de buurt. Hier ziet u welke centra er binnen dit expertisenetwerk zijn. 

Hoe verloopt het contact tussen zorgverleners binnen en buiten het expertisecentrum?
Ouders krijgen van alle follow-up bezoeken van hun kind aan het expertisecentrum een uitgebreid verslag/individueel zorgplan. Hiermee houden ze zelf ook regie over documentatie en kunnen ze dit delen met zorgverleners waarmee ze in contact komen. Zorgverleners buiten het expertisecentrum houden het expertisecentrum op de hoogte en kunnen laagdrempelig contact opnemen bij vragen.

Wat te doen bij spoed?
Bij spoed kan overlegd worden met de dienstdoende kinderchirurg in het expertisecentrum. 

 

Bij welke klachten van ARM-patiënt moet ik contact opnemen met het expertisecentrum?

Wanneer u vragen hebt, kunt u altijd contact opnemen met het expertisecentrum voor een collegiaal consult. De huisarts of de kinderarts in het regionaal ziekenhuis overlegt met het expertisecentrum:

  • wanneer zich bij een kind met ARM complicatie voordoen die samenhangen met de aandoening;
  • wanneer een kind met ARM wordt opgenomen in een perifeer ziekenhuis.

De huisarts of de kinderarts in het regionaal ziekenhuis verwijst met spoed naar een expertisecentrum:

  • bij verdenking op een urineweginfectie bij kinderen jonger dan 6 maanden
  • bij kinderen die braken en niet in staat zijn om orale antibiotica in te nemen en voldoende te drinken
  • bij alarmsymptomen 

Wanneer moet er verwezen worden naar een expertisecentrum ARM?
Bij klein deel van de patiënten wordt ARM prenataal vastgesteld. Iedere prenataal vastgestelde patiënt met ARM moet na vaststelling en in ieder geval voor 24 weken zwangerschapsduur naar een expertisecentrum ARM verwezen worden voor de juiste counseling en begeleiding. In het expertisecentrum vinden de controles tijdens de zwangerschap, de bevalling, de behandeling na de geboorte en de levenslange follow-up plaats.

Bij de meeste patiënten wordt ARM pas postnataal vastgesteld. Dan dient de patiënt direct te worden verwezen naar een ARM-expertisecentrum.

Symptomen

Bij welke klachten van ARM-patiënt moet ik contact opnemen met het expertisecentrum?Wanneer u vragen hebt, kunt u altijd contact opnemen met het expertisecentrum voor een collegiaal consult. De huisarts of de kinderarts in het regionaal ziekenhuis overlegt met het expertisecentrum:

  • wanneer zich bij een kind met ARM complicatie voordoen die samenhangen met de aandoening;
  • wanneer een kind met ARM wordt opgenomen in een perifeer ziekenhuis.

De huisarts of de kinderarts in het regionaal ziekenhuis verwijst met spoed naar een expertisecentrum:

  • bij verdenking op een urineweginfectie bij kinderen jonger dan 6 maanden
  • bij kinderen die braken en niet in staat zijn om orale antibiotica in te nemen en voldoende te drinken
  • bij alarmsymptomen 
Ziektebeeld

Wat zijn alarmsignalen bij mensen met een ARM?
Er is een aantal alarmsignalen bij mensen met een ARM die directe behandeling behoeven. Zij zijn niet allen levensbedreigend, maar er moet wel direct actie ondernomen worden.

Alarmsignalen:

  • Acute anale pijn of een bloedende anus
  • Acuut getromboseerde hemorroid (interne of exteren hemorroid)
  • Bloedende hemorroid
  • Bloedende anorectale varices,
  • Anale fissuur,
  • Perineale necrotiserende fascitis (Fournier gangrene)
  • Niet terug te duwen of beklemde rectum prolaps
  • Anorectaal abces
  • Seksueel overdraagbare aandoeningen (seksueel overdraagbare proctitis)
  • Anorectale spoed situaties bij pasgeborenen:
  • Als diagnose nog niet bekend: Het niet lozen van meconium
  • Na operatie: postoperatieve complicaties zijn urineretentie, bloedigen, fecale impactie, anorectale sepsis.
  • Urine retentie
  • Anorectale sepsis
  • Fecale impactie

Welke bijkomende aandoeningen kunnen voorkomen bij ARM?
Een ARM kan geïsoleerd voorkomen, maar bij 43 - 71 % van de patiënten komen andere aangeboren afwijkingen voor. Bijkomende aangeboren aandoeningen maken vaak onderdeel uit van de VACTERL-associatie. Lees bij verdiepende informatie meer over de bijkomende aandoeningen.